Wat nu? Dat was de vraag direct na de moord op Willem van Oranje-Nassau door Balthasar Gerards op 10 juli van het jaar 1584. Willems testament maakte duidelijk dat hij bijgezet wilde worden in het familiegraf van zijn voorvaderen, waaronder zijn erflater René van Nassau-Chalon, in de Onze Lieve Vrouwe kerk te Breda. De tekst van Willems testament luidt (vertaald uit het Frans): “En wat betreft de grafplaats, hebben Wij gekozen voor de Onze Lieve Vrouwe Kapittelkerk te Breda, in de kapel waar mijn overleden heer en neef René van Chalon is begraven; en als dat niet makkelijk kan worden uitgevoerd zullen zij die de opdracht hebben ontvangen en geaccepteerd adviseren over een andere meer geschikte plaats, aan wier oordeel en wijsheid en die van onze hierna genoemde testamentaire executeurs, of een van hen, wij uit handen geven alle plechtigheden aangaande de uitvaart en begrafenis.” Voorbereidingen werden getroffen om Willem van Oranje te begraven in….. Delft. Waarom niet in Breda conform Willems wens? Omdat Breda op dat moment in handen was van vijandige Spanjaarden als gevolg van de Tachtigjarige Oorlog (De Opstand) en dus onbereikbaar. Zo raakte Breda zijn belangrijkste inwoner aller tijden kwijt. Voor Breda blijft hij echter voor altijd ‘Onze Willem’.


